Is roddelen verkeerd?
Kunnen we zeggen dat we om andere mensen geven als we nooit over ze praten? Dankzij gesprekken kun je belangrijke dingen te weten komen en soms kunnen die slechte figuren voorkomen. Het was me een keer overkomen in de winkel dat ik naar informatie vroeg aan een persoon die ik jaren niet gezien had. Na het formele gegroet en de ditjes en datjes die daarop volgden, vroeg ik heel gewoon: "Hoe gaat het met je moeder?", het antwoord was: "M'n moeder is overleden". "Oh", zij ik dus, "wat verdrietig voor jullie, zeg. Hoe gaat het met je vader?" "Gestorven". Ja dat was toch echt te veel. Ik kon op dat moment wel door de grond zakken. Dat begrijp je. Maar ja, zulke dingen kunnen gebeuren, maar het is beter ze te voorkomen. Daarom zijn goed bedoelde gesprekken met familie, vrienden of kennissen zo nuttig.
Maar zulke gesprekken kunnen snel overgaan in roddelen en het is dus wijs om snel van rijstrook te veranderen.
Wat de Bijbel zegt:
„In de overvloed van woorden ontbreekt overtreding niet, maar wie zijn lippen in bedwang houdt, handelt beleidvol” (Spreuken 10:19). Hoe meer je praat, hoe waarschijnlijker het is dat je iets zegt waar je later spijt van krijgt.
„Het hart van de rechtvaardige mediteert om te antwoorden, maar de mond van de goddelozen doet slechte dingen opborrelen” (Spreuken 15:28). Denk na voordat je iets zegt!
„Spreekt waarheid, een ieder van u met zijn naaste” (Efeziërs 4:25). Vraag voordat je iets verder vertelt na of het wel waar is.
„Zoals gij wilt dat de mensen u doen, doet hun evenzo” (Lukas 6:31). Voordat je iets over iemand vertelt, ook al is het waar, is het goed over het volgende na te denken: hoe zou ik me voelen als iemand dit over mij zou vertellen?
„Laten wij dus de dingen nastreven die de vrede bevorderen en de dingen die tot opbouw van elkaar dienen” (Romeinen 14:19). Zelfs iets wat waar is kan schade aanrichten als het niet opbouwend is.
Maar zulke gesprekken kunnen snel overgaan in roddelen en het is dus wijs om snel van rijstrook te veranderen.
Wat de Bijbel zegt:
„In de overvloed van woorden ontbreekt overtreding niet, maar wie zijn lippen in bedwang houdt, handelt beleidvol” (Spreuken 10:19). Hoe meer je praat, hoe waarschijnlijker het is dat je iets zegt waar je later spijt van krijgt.
„Het hart van de rechtvaardige mediteert om te antwoorden, maar de mond van de goddelozen doet slechte dingen opborrelen” (Spreuken 15:28). Denk na voordat je iets zegt!
„Spreekt waarheid, een ieder van u met zijn naaste” (Efeziërs 4:25). Vraag voordat je iets verder vertelt na of het wel waar is.
„Zoals gij wilt dat de mensen u doen, doet hun evenzo” (Lukas 6:31). Voordat je iets over iemand vertelt, ook al is het waar, is het goed over het volgende na te denken: hoe zou ik me voelen als iemand dit over mij zou vertellen?
„Laten wij dus de dingen nastreven die de vrede bevorderen en de dingen die tot opbouw van elkaar dienen” (Romeinen 14:19). Zelfs iets wat waar is kan schade aanrichten als het niet opbouwend is.
„Het u ten doel te stellen rustig te leven en u met uw eigen zaken te bemoeien en met uw handen te werken” (1 Thessalonicenzen 4:11). Wees niet alleen maar bezig met andermans zaken. Er zijn betere manieren om je tijd te besteden.
No comments:
Post a Comment